Zuigmond
28 december 2007
Vandaag is alsnog het pakketje gearriveerd dat ik vorige week niet wilde aannemen omdat ik achtenveertig euro vijftig moest betalen voor iets waarvan ik me niet kon herinneren dat ik dat wilde hebben. Bovendien had ik geen contanten.
Zuigmond is een fascinerend woord (althans vind ik). Het zegt namelijk precies wat het is en wat het doet. Daarnaast kan ik bij het uitspreken van dit woord een besmuikte giechel niet onderdrukken. En dat is dan ook weer leuk.
Wanneer een mens een zuigmond per pakketpost zou willen ontvangen, met deze vraag kun je bij Lief terecht die het ding via internet onze kant op heeft laten komen.
Hoera, we kunnen weer naar hartelust zuigen!
In de aap gelogeerd
20 december 2007
Tsja, ik heb me al nooit zo superieur gevoeld, maar nu blijkt ook nog eens dat apen een opmerkelijk beter fotografisch geheugen hebben dan wij mensen, zo beweren Japanse geleerden. Fijn dank u wel.
Laatst gehoord
18 december 2007
Het woord avondmaalsmijding. Prachtig toch?
Het deed me denken aan die mop over Jantje die lege flessen in de koelkast zet voor de gasten die niets willen drinken.
Eenieder ontvangt wat hij of zij verlangt.
Onze God – II
10 december 2007
Eigenlijk is die Dawkins wel een humoristische man, niet dan?
Gevoel van vandaag
10 december 2007
Onbestemd, verzinkend in de echo van Ockeghem. Waarom grijpt deze muziek mij zo aan?
Ach gossie Mira, is het weer zo ver? Hoogste tijd voor een bakkie leut.
Kamerijk zingt
4 december 2007
Aankondiging
2 december 2007
Het is rustig aan het thuisfront. Drukte in mijn hoofd maakt dat als ik mij beweeg tussen de vier muren die ik huur van de woningstichting ik vooral weinig wil, of hele huiselijke dingen, en dan met name oude vertrouwde zaken. Noem het kleinburgerlijkheid of een gezonde drang naar structuur, zo u wilt.
Een oud en vertrouwd ding van vroeger is de adventskrans. Al discussierend over hoe we onze eerste kerst in het nieuwe huis uiterlijk zouden gaan vormgeven (ik wilde een kerstboom, maar lief was tegen met het argument dat we daar helemaal geen plek voor hebben) werd het idee van de adventskrans geboren.
Dus lief en ik naar de tuinwinkel, waar we keuze te over hadden aan krans- en kerstachtigen. Eenmaal thuis met een bevallige bescheiden krans was daar het probleem van de kaarsen: te dik, te dun, kan niet bevestigd worden aan de krans, geen op elkaar gelijkende kaarshouders en ga zo maar door. Uiteindelijk vonden we bij de rommelwinkel om de hoek vier dezelfde houders, waar we onze lange dunne AHkaarsen in kwijt konden waarvoor we waren gezwicht.
Nu prijkt op onze eettafel een krans met vier stuks kaars eromheen. De eerste kaars heeft vanochtend al gebrand, de andere drie zien eruit alsof ze nooit opgebrand zullen worden. Zo hebben wij ons gisteren vermaakt, om vandaag te kunnen genieten van onze noeste arbeid. En reken maar dat ik dat ga doen, en wel nu.
